Bij artrose gaat het kraakbeen in een gewricht in kwaliteit achteruit. Het wordt dunner, zachter en brokkelig. Kraakbeen bevat geen zenuwen en kan daardoor geen pijn doen. Pijn door artrose komt dus waarschijnlijk door andere veranderingen binnen en buiten het gewricht.
Naast de kraakbeenschade ontstaan veranderingen in het bot direct onder het kraakbeen. Er vormen zich aan de rand van het gewricht zichtbare en voelbare knobbels, osteofyten genoemd.
Ook is er vaak een lichte ontsteking van de slijmvlieslaag in het gewricht. Soms veranderen zenuwen in het gewricht, wat pijn veroorzaakt. Daarnaast komt het regelmatig voor dat spieren rondom het gewricht verzwakken en doen pezen om het gewricht pijn.
Artrose kan in alle gewrichten optreden, maar dit hoeft niet. Er zijn gewrichten waarin het vaker voorkomt zoals in de knieën, de heupen, de gewrichten in de nek en onderrug, de duim, de vingers en de grote teen.
Heupartrose wordt in de volksmond vaak ‘heupslijtage’ of ‘versleten heup’ genoemd. De term ‘versleten heup’ geeft echter de indruk dat er niets meer aan te doen is. Dit is niet het geval: bij heupartrose is een behandeling mogelijk.
Wat is heupartrose eigenlijk? In je heup zitten twee kogelgewrichten. Die bestaan uit twee onderdelen: de heupkom en de heupkop. Zowel de heupkop als de heupkom zijn bekleed met kraakbeen, een soepel en zacht weefsel dat het bewegen van de heupkom om de heupkop makkelijker maakt.
Wanneer je artrose van de heup hebt, is het laagje kraakbeen op het heupgewricht aangetast. Het wordt dunner en zachter. Dit heeft tot gevolg dat bewegingen van het gewricht minder soepel lopen en dat het gewricht minder goed in staat is om schokken op te vangen. Door de slijtage van het kraakbeen kunnen chronische heupklachten ontstaan.
Heupartrose is een van de meest voorkomende heupaandoeningen. Ondanks veel onderzoek is niet precies bekend wat de oorzaak is. Wel is bekend dat het gaat om een samenspel van verschillende factoren.
Je huisarts, fysio- of oefentherapeut kan je meer inzicht geven in je aandoening en hoe je hier het beste mee om kunt gaan. Er bestaan geen enkelvoudige behandeling bij artrose, omdat er meestal meerdere factoren een rol spelen bij het ontstaan van artrose.
Knieartrose is in Nederland de meest voorkomende gewrichtsaandoening. Knieartrose is een degeneratieve gewrichtsaandoening waarbij het kraakbeen in de knie is aangedaan. In 2016 kregen ongeveer 34.000 vrouwen en 21.000 mannen in Nederland de diagnose artrose in de knie.
Het kniegewricht verbindt het bot van je bovenbeen met dat van je onderbeen. Op de uiteinden van deze botten zit een laagje kraakbeen. Dat is heel glad en elastisch, zodat je knie gemakkelijk kan buigen, draaien en strekken. Voordeel van dit laagje kraakbeen is dat het schokken op vangt wanneer je loopt, rent of springt. Bij artrose in de knie is er sprake van kraakbeenslijtage, wat inhoudt dat het kraakbeen van het kniegewricht dun en onregelmatig is. Het bot komt meer bloot te liggen en wordt aan de randen breder en het gewricht wordt dikker. De binnenkant van je kniegewricht is met slijmvlies bedekt. Bij artrose is dit slijmvlies chronisch ontstoken. Hierdoor kan het gewricht pijn doen bij beweging of beweegt het minder soepel. De hoeveelheid slijtage bepaalt de ernst van de aandoening. Zo kan door knieartrose de belasting van je knie veranderen en daarmee de stand, waardoor één kant meer belast wordt. Soms zitten er ook knobbels op je knie (osteofyten) die je soms kunt zien en voelen.
Knieartrose is een chronische aandoening die meestal langzaam erger wordt. Kraakbeen dat weg is in je knie, herstelt zich niet meer. Vaak is het proces al lang aan de gang voordat de klachten zich openbaren. Klachten zijn pijn in je knie, die altijd aanwezig is of alleen als je beweegt. Bijkomende klachten kunnen zijn ochtendstijfheid, dat je knie ook ’s nachts pijn doet, vocht in de knie en dat je knie kraakt bij het bewegen.
Om de pijn te verlichten kan een arts pijnstillers of een brace voorschrijven of doorverwijzen naar een fysiotherapeut voor een oefenprogramma. Voor sommige mensen is dit een goede oplossing. Anderen hebben er helaas geen baat bij en een operatie is dan vaak de enige oplossing.
Er zijn verschillende oorzaken waardoor het kniegewricht kan verslijten. De meeste mensen met knieartrose, zijn ouder dan vijftig jaar en vrouw. Vaak hebben ze overgewicht of zit er artrose in de familie. Het kan ook op jongere leeftijd voorkomen bijvoorbeeld door een klap op de knie, een breuk, een beschadiging van de banden of door een scheur in de meniscus. Mensen die intensieve sporten beoefenen (zoals volleybal) of een beroep uitoefenen waarbij het kniegewricht intensief worden belast, hebben een grotere kans op knieartrose.
Een arts stelt de diagnose knieartrose naar aanleiding van je ziektegeschiedenis, onderzoek en de huidige klachten. Dat kan startpijn zijn, maar ook pijn bij het staan en lang lopen. Vaak maakt een arts een röntgenfoto om de diagnose te bevestigen.
Het is wetenschappelijk bewezen dat oefen- of fysiotherapie effectief is in het verminderen van klachten.
Voor mensen met artrose van de heup of knie is er sinds 2018 een basisvergoeding opgenomen in de zorgverzekering voor fysiotherapie of oefentherapie:
Dekking per jaar |
|
|
12 behandelingen bij een fysio- of oefentherapeut Hierop is het eigen risico van toepassing. Meer informatie: www.zorgvergoeding.com |
|